Home Ñapa Ñapa Cola Debrotprijs voor Norman de Palm
Cola Debrotprijs voor Norman de Palm PDF Afdrukken E-mail
vrijdag, 03 mei 2013 18:00

Een bewogen leven vol passie, liefde, inspiratie en minnaars. Zo beschrijft de veelzijdige Norman de Palm zijn leven. De oprichter van Luna Blou en schrijver en producent van theaterstukken als Desirée en films Ava & Gabriel en Zulaika droeg zijn rol als directeur van het theater eind april over en mag bovendien vandaag de Cola Debrotprijs in ontvangst nemen.

Tekst: Elisa Koek Foto’s: Ken Wong In hartje Otrobanda, aan de Annabaai, ligt theater Luna Blou in felblauwe kleuren te loeren naar de cruisetoeristen. Boven het theater is de woning van de oprichter van het theater, Norman de Palm. Het herenhuis ademt kunst en inspiratie door de kleurrijke schilderijen, portretten van de schrijver door de jaren heen en karakteristieke kunstwerken overal in het huis. Een perfecte thuisbasis voor De Palm om aan een nieuw hoofdstuk van zijn leven te beginnen.

 

Vredige smeltkroes

De eerste tien jaar van zijn leven bracht De Palm door op Aruba: een onbezorgde jeugd, volgens de theaterman. “Mijn moeder was het buurmeisje van mijn vader, dus ze zijn als jeugdvrienden bij elkaar gebleven en uiteindelijk getrouwd. Dit gevoel zorgde voor veel warmte in onze familie. Mijn vader was van Curaçao en mijn moeder Nederlandse, dus de ene dag aten we stamppot en de andere dag stoba. De hele buurt was trouwens een vredige smeltkroes van nationaliteiten: Arubanen, Venezolanen, mensen van de Engelse eilanden, Nederlanders, alles ging in vrede. We brachten de dagen door aan de baai, zaten ezels achterna, speelden in de rooi en gingen vissen. Er waren weleens ruzies tussen de kinderen, maar de ouders bewaarden de vrede. Er was altijd sociale controle en de moeder van mijn buurjongen was eigenlijk ook mijn moeder en andersom.” Toen De Palm in de derde klas zat, besloot het gezin terug te verhuizen naar het thuiseiland van zijn vader. Samen met zijn ouders, twee zussen en een broer verhuisde Norman de Palm naar Curaçao waar het gezin zich in de Penstraat vestigde. “Natuurlijk moest ik mijn vriendjes achterlaten op Aruba, maar ik ging mee met de ‘flow’ en paste me aan. Ik ontmoette nieuwe kinderen en maakte snel contact. Het was een nieuw hoofdstuk in mijn leven, maar de taal en ook de cultuur was redelijk hetzelfde waardoor ik snel kon aarden op Curaçao.” De Palm ging net als vele andere jonge Curaçaoënaars op zijn achttiende naar Nederland om te gaan studeren. Hij vertrok naar Nijmegen en rondde de studie klinische psychologie met succes af. Na zijn afstuderen, vertrok hij snel naar Curaçao om als psycholoog aan de slag te gaan. Buiten zijn werk als psycholoog stond hij regelmatig op de planken in het theater.

“Ik vond mijn beroep ontzettend belastend. Iedereen komt bij je met problemen en die nam ik mee naar huis. Het theater werd een uitweg voor me. Dit was het moment dat ik kon spreken, kon spelen, creatief was en andere rollen kon aannemen. Het werd een uitlaatklep.”


Liefde

In 1976 veranderde het leven van de 28-jarige De Palm drastisch door de ontmoeting met Felix de Rooy. De Palm glundert nog als hij zijn ex-geliefde beschrijft. “We ontmoetten elkaar doordat onze ouders elkaar kenden. Felix was een hele sturende, dominante, exhibitionistische en sensuele man. Hij intrigeerde me ontzettend. Hij was mijn grote liefde.” Het tweetal werd verliefd, stortte zich op het theater en vormde samen het boegbeeld van kunst en gay identity op Curaçao. Ondertussen ging De Palm deel uitmaken van de theatergroep Cosmic Illusions (Illushon Kosmiko) die De Rooy had opgericht. Mijn ouders hebben nooit problemen gehad met mijn geaardheid of met mijn openheid hierover. Misschien dat het daardoor ook gemakkelijker werd geaccepteerd door iedereen. We waren een koppel en iedereen mocht het weten. We waren de ‘Snip en Snap’ van Curaçao en werden overal gevraagd om exposities, feestjes en restaurants te openen en acts op te voeren. Dit was heel leuk, maar na een paar jaar begon het een sleur te worden en stagneerde mijn eigen ontwikkeling. In 1982 hebben Felix en ik onze koffers gepakt voor een nieuw avontuur in New York. Ik ging educational theatre studeren en Felix filmregie.”

 

Desirée

“New York was verbijsterend. Verpletterend”, vertelt De Palm terwijl hij terugblikt op zijn periode in de metropool. “Er gebeurt zoveel en ook ontzettend veel op kunstgebied. Het was fantastisch.” New York was ook de stad waar De Palm zijn eerste theaterstuk schreef dat geregisseerd werd door zijn geliefde De Rooy. “Ik had een artikel gelezen over een vrouw die dacht dat de duivel in haar baby zat. Ze had het kind verbrand in een oven. Waarschijnlijk vanwege mijn achtergrond als psycholoog intrigeerde dit verhaal mij heel erg. Ik wilde een stuk schrijven over een vrouw die gevangen zat in een cirkel van armoede en prostitutie en haar kind dit koste wat kost wilde besparen. Dit resulteerde in het theaterstuk Desirée.”

De Palm en De Rooy reisden met hun theatervoorstelling naar Edinburgh waar het enigszins choquerende stuk door journalisten de hemel in werd geprezen. Tijdens een van de voorstellingen kregen de theatermakers bezoek van Nederlandse bookers die besloten Desirée naar Nederland te halen. “In eerste instantie vonden ze het stuk risicovol, maar omdat we Nederlanders waren, werd het toch doorgezet. Voor we naar Nederland gingen, hebben we ook in Londen nog meerdere malen het stuk opgevoerd. Ook daar werd vol lof over ons gesproken.” Eenmaal terug in de lage landen is het stuk meer dan honderd keer opgevoerd en werden de namen van de theatermakers alom bekend.

Na het succes van Desirée namen De Palm en De Rooy een volgende stap en zochten hun inkomen weer in Nederland. “We vonden een mooie winkel in Amsterdam-Oost die we hebben opgeknapt tot woning. Ik ben teruggegaan naar New York om onze spullen te pakken en we betrokken de nieuwe woning.” Amsterdam leek het theaterduo goed te doen en succesvolle filmproducties als Almacita di Desolato en Ava & Gabriel waren het resultaat. De Palm en De Rooy gingen ook in Amsterdam door met Cosmic Illusions en leerden John Leerdam kennen. “John Leerdam is een bijzondere man. John is een man die mensen laat groeien, maar ook kritisch kan zijn. Hij is, na Felix, mijn muze.”

In 2003, toen De Palm 50 jaar was, trok hij de stoute schoenen aan en ging terug naar Curaçao. Leerdam kreeg de regie over Cosmic Illusions en De Palms eerste liefde Felix schippert nog steeds heen en weer tussen Nederland en Curaçao. “In de herfst van je leven, wil je iets bijdragen aan je land van herkomst, dus ik moest terug naar Curaçao. Daar kwam bij dat ik me niet meer op mijn gemak voelde in Nederland. Het Pim Fortuyn-drama was nog vol aan de gang en Antillianen werden openlijk een multicultureel probleem. Alle problemen zouden zijn opgelost als er geen Antillianen meer waren. Ik vond het erg kwetsend. Ik besloot terug te gaan en een theater op te richten om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van Curaçao.” De oprichting van Luna Blou ging niet zonder slag of stoot, maar in hetzelfde jaar was het theater toch een feit. “Ik kreeg veel kritiek op de locatie: men vond het een gevaarlijke buurt, er waren veel chollers en bouwvallen, maar ik zag het heel anders. Ik vond de locatie ideaal, omdat deze deel uitmaakt van de stad. Het lukte mij, ondanks de kritiek en de economie die in een crisis zat, om een lening te krijgen bij O.B.N.A en KORPODEKO. Met dit geld kon ik een geraamte opzetten van het theater waarna ik doorging met fondsen zoeken en het volste vertrouwen had dat de rest ook zou komen. Tijdens de verdere opbouw van het theater heb ik veel contacten uitgenodigd om het theater te bezoeken waarbij ik enthousiast vertelde hoe het zou worden. Het lot was mij welgevallig en veel bedrijven , ook stichtingen als het Prins Bernhard Cultuur Fonds , Fundashon Bon Intenshon van Gregory Elias en het Eilandgebied Curaçao droegen hun steentje bij. Hierdoor kreeg ik het vertrouwen van een aantal stichtingen zoals Stichting Doen, Fonds Podiumkunsten, Stichting Jena, Samenwerkende Fondsen en een paar jaar AMFO. Zo konden we rondkomen. Ook mijn zus Jorina heeft altijd een belangrijke rol gespeeld. Jorina heeft het theater in haar eentje uit een schuldpositie gesaneerd gekregen. Ze is het tegenovergestelde van mij: ik ben chaotisch en zij is ordelijk en systematisch. Je kunt zeggen dat zij de redding is geweest van het theater.”


Afscheid Luna Blou

Tien jaar na de oprichting van Luna Blou, nam De Palm op 26 april dit jaar afscheid als directeur. “Ik ben een bouwer en geen uitbouwer. Ik heb dit theater opgebouwd en gevormd, nu mag iemand anders het roer overnemen en het uitbouwen. Ik heb alle vertrouwen dat de nieuwe directeur Segni Bernadina er iets moois van gaat maken en sta open voor nieuwe dingen en nieuwe vormen voor het theater. Ik heb begrepen dat Segni een opleidingsinstituut wil creëren voor lokale talenten. Dit doen we al met La Tentashon, maar hij wil dit uitbreiden. Een idee dat ik zeker steun.”

Cola Debrotprijs

Het tienjarig bestaan van Luna Bou en het afscheid van De Palm als directeur krijgt vandaag nog een extra omlijsting door de uitreiking van de Cola Debrotprijs aan De Palm. Hij krijgt de prijs onder andere omdat hij de Curaçaose kunst en cultuur internationaal op de kaart heeft gezet op internationale filmfestivals in onder andere New York, Londen en Toronto. Ook het inspireren en stimuleren van jongeren, zijn bijdrage aan de ontwikkeling van het theaterleven door de oprichting van Teatro Luna Blou en jeugdtheaterwerkplaats La Tentashon spelen een rol in het winnen van de prijs. “Dit maakt me nederig”, reageert De Palm terwijl hij de beschrijving doorleest. “Het geeft me het gevoel alsof mijn werk er iets toe heeft gedaan. Ik krijg erkenning van de overheid, maar ook van het volk want zij hebben voor de overheid gekozen. Het is een verbijzondering van werk en een afscheidscadeau dat ik niet had kunnen bedenken.”

 

Nu De Palm het hoofdstuk Luna Blou deels heeft afgesloten, is het tijd voor een nieuwe periode in zijn leven.“Ik woon op het terrein van het theater, dus fysiek blijf ik erbij betrokken. Daar wil ik het bij laten, want ik wil de nieuwe directeur niet voor de voeten lopen. Er breekt een periode voor mij aan waarin ik meer tijd ga besteden aan Stef Hendriks, mijn zegen en liefdevolle steun in bange en blije dagen. Ik wil rusten, wandelen, lezen, reizen, zwemmen en samen genieten van het leven.

Ik wacht af wat het lot verder op mijn weg brengt. Er zijn altijd nieuwe uitdagingen en groeimomenten. In ieder geval ga ik weer veel schrijven over het leven dat mij wacht.”